Blog

  • Hallo wereld!

    Welkom bij WordPress. Dit is je eerste bericht. Bewerk of verwijder het, start dan met schrijven!

  • De moraal van de middeleeuwen

    TikTok als redder van de wereldvrede? Alsof een Chardonnay-sprankje de armoede in Afrika kan wegdrinken. Fairtrade, ooit het parool van de betweterige boodschappertjes op de fiets, kiest nu voor *viraliteit* als reddingslijn. Alsof een leugenachtige lach op een 15-seconde clip de bananenboer in Ghana een beter leven geeft.

    De campagne is door Bol & Krouwel gesmeed, de zogenaamd creatieve geesten achter een social-only strategie die zo doorzichtig is als de glazen van hun Zuidas-kantoor. TikTok-humor, dus. Dus een meisje dat met een banaan op haar hoofd *‘ik ben fairtrade, niet fairytale’* roept terwijl een beatje drop. Grappig? Misschien voor de stagiair. Impactvol? Alleen op de CPM van de mediabuy.

    Want laten we even helder zijn: Fairtrade is geen merk, het is een noodkreet met een logo. En als je die noodkreet verkoopt via een platform dat gebaseerd is op *attention span van een goldfish*, dan zit je niet in de ethiek – je zit in de schijn.

    De ROI van zo’n campagne? Marginale groei in herkenning, nul komma nul impact op koopgedrag. De echte consument van Fairtrade-producten is niet te vinden tussen de TikTok-scrollers van 16, maar bij de 45-jarige vrouw in Amstelveen die uit principe het duurdere sinaasappelsap koopt. En die kijkt niet op TikTok. Die leest mij.

    Maar goed, het gaat natuurlijk ook niet om impact. Het gaat om *relevante positionering*. En om het feit dat Fairtrade bang is. Bang dat het verworden is tot een slapende sticker op een banaan, terwijl de jonge generatie denkt dat ‘fair’ betekent ‘goed voor Instagram’. Dus springt men mee op de TikTok-trein, alsof humor een substitute is voor morele urgentie.

    Maar hier is de harde waarheid: als je campagne alleen werkt op een platform waar *ironie* de valuta is, dan heb je al verloren. Je kunt geen morele zaak verkopen met een meme. Of toch? Misschien is dit precies de evolutie: van moreel lef naar morele performance.

    De prognose? Kortstondige buzz. Geen structurele groei. En een merk dat straks harder moet schreeuwen om gehoord te worden – of gewoon weer een keer op tv moet.

    Met zakelijke groet,
    Maurits Droogleever Fortuyn
    Hoofdredacteur alles.bit64.com/ | Media Business

  • Keuken van niks

    Schat, wordt het niet eens tijd dat we die keuken van 2014 eindelijk loslaten? Maurits stond in de deuropening, armen over elkaar, alsof hij net een kunstwerk had ontdekt in plaats van een kastje dat sinds 2016 niet meer dichtging.

    Carla zat aan de eettafel, een kop thee voor zich, en keek op zonder opkijken. Wat is er mis met de keuken?

    Hij tuitte zijn lippen. Mis? Carla, liefje, het is een IKEA-flatpack uit een tijd dat je nog dacht dat ‘grijs houtlook’ hip was. Nu ziet het eruit als een kantoor van een verhuurder in Utrecht. Esthetisch verantwoord? Nee. Success uitstralen? Zeker niet.

    Ze nam een slok. Het is functioneel. En het staat in mijn interieur.

    Maar het staat niet in jouw interieur, schat, het staat in míjn huis. En ik wil iets dat past bij hoe ik leef. Iets dat straalt: ik ben een man die weet wat hij wil. Daarom heb ik Het Keukenboek van Superkeukens aangevraagd. Gratis. Met inspiratie voor keukens die eruitzien alsof ze in Architectural Digest moeten.

    Carla zuchtte. Dus je bestelt een boek omdat je denkt dat je dan ineens een keukenvernieuwer bent? Je weet dat je niet eens een avocado snijdt zonder instructievideo, toch?

    Niet over uitgedroogd fruit oordelen, Carla. Dit gaat om visie. Over flow. Over een ruimte waarin je écht kunt koken, écht kunt leven. En misschien een beetje kunt showen.

    Ze moest lachen. Je gaat toch niet weer zo’n zwart-metalen-look doen met kasten die eruitzien alsof ze van een onderzeeër zijn gestolen?

    Nee, nee, dit keer is het anders. Modern, licht, hout, glas. Design dat werkt. En het boek is vol met voorbeelden van mensen die precies zo denken als ik.

    Carla zweeg even. Toen stond ze op, liep naar de koelkast, en haalde er een magnetronmaaltijd uit. Nou, als die nieuwe keuken tenminste sneller is dan deze, dan ben ik voor.

    Maurits grinnikte. Dat is nou net het punt: met de juiste inrichting kook je sneller, eet je beter, leef je mooier. En wie weet, misschien snij ik straks zelfs zonder video die avocado.

    Het Keukenboek van Superkeukens? Een grapje? Misschien. Maar het gaf wel stof tot nadenken. En wie weet, misschien wordt hun keuken eindelijk eens iets om trots op te zijn.

    Interessant? naar de uitkomst

  • The Tribute keert terug met nieuwe stemmen

    Cesar Zuiderwijk zegt iets, en opeens flitst mijn afstandsbediening. Alsof er een stroomstoot door de bank gaat. Niet vanwege de inhoud – we weten allemaal hoe dat gaat – maar omdat het weer begint. Dat gevoel. Alsof je net je thee hebt neergezet en de tv alweer roept: kom op, Carla, je weet dat je wil kijken.

    The Tribute is terug. Geen grote klokken, geen tromgeroffel, gewoon: het komt eraan. En dat is genoeg. Want dit is geen show over perfectie. Dit is een spiegel voor mensen die durven zingen zoals jij en ik neurien in de keuken, met de deur dicht. Alleen dan voor miljoenen.

    Ik hou van de stilte voor de eerste noot. Als de kandidaat ademhaalt, en de camera dichterbij komt. Dan weet je: hier gaat iemand alles geven. Geen trucs, geen valse wimpers, gewoon stem. En misschien een trillende hand boven de knop. Maar dat hoort erbij. Het is geen perfectie waarnaar ik kijk. Het is moed.

    De show doet wat weinig programma’s nog durven: het stopt niet bij het geluid. Het zoekt de mens erachter. Niet met dramatische muziek of huilende ouders op de achtergrond, maar met stilte. Met een vraag. Met een blik.

    En nu begint het opnieuw. Nieuwe stemmen. Nieuwe verhalen. Dezelfde spanning. Wie durft? En wie blijft staan?

    Ik zet mijn thee op de vensterbank. De zetel is vrij. De tv aan. Weer.

    Liefs, Carla
    Carla’s Column | Nieuwtje? Vertel vertel! 😘

  • Cocaïnekoorts is geen vermaak, het is een autopsie

    Er is een nieuwe podcast. *Cocaïnekoorts III*. En nee, Marvin Jacobs van Airborne Network hoeft niet te zeggen dat het ‘de week vooruit’ is. Dat weten we al. Want iedereen die in de media werkt, weet dat deze serie niet bestaat om te vermaakken — maar om te *dissecteren*. De Nederlandse nacht. De middenklasseverslaving. De glimmende onderbuik van een cultuur die zegt nee tegen drugs, maar ja tegen de lifestyle die eromheen is gebouwd.

    Dit is geen verhaal over justitie. Geen reeks over interlanden en invallen. Dit is een psychologische inventarisatie van een generatie die denkt dat snuiven een vorm van stressmanagement is. Dat cocaïne geen drug is, maar een tool. Voor de creatieven. De ondernemers. De mensen die ‘gewoon wat energie nodig hebben’ na een drukke week in de boardroom of op de redactie.

    Maar wie luistert, hoort geen oordeel. Hij hoort een spiegel. Een reconstructie van een wereld waarin grenzen verdampen — beginnend bij de neus, eindigend in de rechtszaal. En toch blijft de vraag: waarom nu? Waarom deze serie, drie jaar na de eerste aflevering, op het moment dat de media overbelicht zijn en de schandalen saai worden?

    Antwoord: omdat de behoefte groter is dan ooit. Niet aan vermaak. Maar aan *verklaring*. Hoe kon het? Hoe kon een hele scene denken dat dit risico-vrij was? Dat de fiscus geen interesse had? Dat de politie geen tijd?

    Cocaïnekoorts III is geen podcast. Het is een postmortem van de Zuidas-cultuur. Van het rendement dat je moet leveren. Van de druk die je compenseert met witte poeder en zwarte gaten in het geheugen. En wie denkt dat dit alleen over de Amsterdamse nacht gaat, heeft nog nooit in een penthouse gelogeerd waar de gastheer ‘even fris werd’ in de badkamer.

    Luisteren dus? Ja. Maar niet om entertainment. Luister omdat je wilt zien hoe ver je zelf nog bent.

    Met zakelijke groet,
    Maurits Droogleever Fortuyn
    Hoofdredacteur alles.bit64.com/ | Media Business

  • Lekker Tsjech doen

    Schatje, ik dacht: waarom vliegen we elk jaar weer naar de Maladiven alsof we een Instagram-advertje moeten vullen? Maurits stond in de keuken, trots als een pauw met een folder van Tsjechoreizen in zijn hand, alsof hij net de heilige graal had gevonden in de Aldi-koelkast.

    Vreselijk, Carla, dit is dé nieuwe luxe. Niet zo’n overbevolkte strandtent met kale rasta’s en smoothies met chiazaad, nee: authentiek, esthetisch verantwoord, met karakter. We huren een villa in de Tsjechische Boeme, nemen de auto, doen een beetje slow living in een middeleeuws dorpje. Liefje, het is zó under the radar.

    Carla keek op van haar espresso, een beetje geamuseerd, een beetje geïrriteerd. Alsof je in een Tsjechisch dorpje ineens minder kakker wordt omdat je per se ‘slow’ wilt. Je denkt dat je bohemien doet, maar je draagt nog steeds een maatpak van Canali en een Apple Watch. Echt waar? Tsjechië?

    Maar Maurits liet zich niet uit het veld slaan. Nee, schat, dit is geen vlucht naar Bratislava om te stoned poolen in een hostel. Dit is Tsjechoreizen: zij regelen alles. Chique accommodaties, privétochten, zelfs een slow-foodroute door Moravië. Je kunt er skiën, wandelen, of gewoon in een kasteel zitten met een glas Slivovice alsof je de koning van Oost-Europa bent.

    Carla trok een wenkbrauw op. En je denkt echt dat ik me ga vermaken in een kasteel met een baron die wijn serveert uit een kruik?

    Precies! riep Maurits uit. Dat is nou juist de kick. Geen wifi, geen influencers, gewoon jij, ik, een open haard en een landschap dat eruitziet alsof het geschilderd is door Rembrandt’s depressieve neef.

    Toen zweeg Carla even. Ze moest toegeven: het klonk fris. Geen jetlag, geen miljoen foto’s van dezelfde palmbomen, geen gezeur over bagage. En Praag? Dat is nog eens een stad. Klinkklare bouw, mysterieus, sfeervol. En als het te koud is, zitten we gewoon in een kroeg met bier dat beter is dan alles wat we hier hebben.

    Maurits glimlachte. Zie je wel? Ik wist dat je zou breken. Dit is geen vlucht, dit is een statement. We doen niet meer alsof we relaxed zijn op een resort. We worden relaxed, écht.

    Uiteindelijk boekte Carla de reis. Niet omdat ze Maurits wilde plezieren, maar omdat ze het zelf leuk vond worden. Een paar dagen later zat ze al te googelen naar wandelschoenen en of je in Bratislava goede koffie kon krijgen. En ja, misschien nam ze stiekem haar Canali-sjaal mee. Maar alleen voor de sfeer.

    Tsjechoreizen? Lekker Tsjech doen. Het is fris, het is frivool, en vooral: het is anders. En soms is anders precies wat je nodig hebt.

    Kijk even mee: kijk hier

  • Center Parcs is geen bubbel, het is een brand

    Ace wint de pitch. Niet met bloemen, niet met ‘emotie’, maar met een slide-deck vol positionering. En goed zo. Want wie denkt dat Center Parcs nog een familiepark is met houten blokhutten en een overdekt zwemparadijs, heeft de afgelopen vijf jaar niets gezien. Dit is geen recreatie meer. Dit is *lifestyle*. Gescoord op marges, gericht op klasse, verpakt in duurzaam verhaalgevoer. En Ace? Die gaan het verkopen.

    Maar laten we duidelijk zijn: dit is geen PR-opdracht. Het is een *herbranding van de realiteit*. Center Parcs is allang geen budgetuitje voor de paasdagen meer. Het is een premium weekendproduct, gericht op stedelijke 40-plussers met een overschot aan schuldruimte en een tekort aan authenticiteit. Ze willen ‘rust’, maar dan met wifi, een designinterieur en een restaurant dat niet naar vrieskist ruikt.

    En dus komt Ace. Niet om te melden dat het bos mooi is. Niet om te jubelen over een nieuwe glijbaan. Maar om te *positioneren*. Omdat in de huidige media-economie het verschil tussen ‘leuk’ en ‘relevant’ wordt bepaald door hoe vaak een influencer er een story over plaatst zonder dat iemand het betaalt.

    Maar wie gelooft dat dit om communicatie gaat, heeft geen idee van de business achter het park. De echte doelstelling? Niet meer bezoekers. Maar *duurdere bezoekers*. Minder schoolvakanties. Meer midweek escapes met een prijskaartje van 450 euro per nacht. En daar hoort een verhaal bij. Een verhaal over verbinding. Over afstand. Over ‘terug naar natuur’ — maar dan met een king size bed en een badjakkie van katoen.

    Ace weet dat. Ze verkopen geen vakantie. Ze verkopen *status door desinvestering*. Rust als privilege.

    En of het werkt? Ja. Zolang de stedelingen blijven geloven dat twee nachten in een bos met een naam als ‘De Efteling van de Betere Kringen’ eigenlijk rebellie is.

    Met zakelijke groet,
    Maurits Droogleever Fortuyn
    Hoofdredacteur alles.bit64.com/ | Media Business

  • Content is law, maar alleen als je de cijfers ziet

    ‘We voorspellen beter.’ Zo kondigt Alpha.One, een AI-bedrijf met meer ambitie dan naamgeving, zijn nieuwste groeironde aan. Groeigeld, natuurlijk — want wie gelooft in voorspellen, gelooft ook in schaal. Maar laat me raden: het gaat niet om voorspellen, maar om *stoppen met raden*.

    Adverteerders verspillen nog steeds 37 procent van hun mediabudget aan content die niets oplevert. Geen kijkers. Geen engagement. Geen ROI. Alleen een gevoel van ‘we hebben iets gedaan’. En in dat emotionele vacuüm stapt Alpha.One met een algoritme dat claimt te weten wat werkt — voordat het wordt uitgezonden. Geen focusgroepen. Geen moodboards. Geen ‘vibe-checks’. Alleen data.

    Maar hier ligt de valkuil: het platform zegt de *impact* van marketingcontent te voorspellen. Alsof impact één ding is. Alsof een likescore, een conversiepercentage of een brand lift één en dezelfde waarde hebben. Alsof een campagne voor een luxe merk en een nooduitverkoop bij de Bouwfirma met dezelfde modellen kunnen worden getest.

    Toch zie ik potentie. Niet in de AI — die is overal hetzelfde, een beetje deep learning, een vleugje NLP — maar in de mentaliteit. De overtuiging dat je *eerst meet, dan investeert*. Dat je geen campagne lanceert op een gevoel, maar op een curve. Dat creativiteit niet leeft in de chaos, maar in de controle.

    En daarom is dit geen verhaal over Alpha.One. Dit is een signaal aan elke marketeer die nog denkt dat ‘emotionele aanspreking’ een excuus is voor lage conversie. De tijd van het ‘ja, maar het ziet er mooi uit’ is voorbij. Wie budget uitgeeft zonder predictieve validatie, is geen creatief directeur. Hij is een gokker met een expense account.

    De vraag is niet of AI de marketing redt. De vraag is of de marketing zich laat redden.

    Met zakelijke groet,
    Maurits Droogleever Fortuyn
    Hoofdredacteur alles.bit64.com/ | Media Business

  • Blauw ziet wat je niet ziet

    Je denkt dat je alles weet van politiewerk, omdat je al tien keer ‘Live PD’ hebt gekeken met een rosé’tje in de hand. Maar dan komt *Blauw* langs, en denk je: o ja. Zo eenvoudig is het niet.

    Deze serie doet wat weinig anderen durven: niets verzinnen. Geen dramatische muziek op het verkeerde moment, geen voice-over die fluistert: “Dit gaat fout.” Nee, gewoon camera’s mee, en kijken wat er gebeurt. En wat er gebeurt, is soms saai. Soms spannend. En soms heel zwaar.

    Eén team rijdt naar een verkeerscontrole. Iemand moppert, wordt rood, moet boete betalen. Frustratie. Niks bijzonders. Tot je ziet hoe de agent blijft praten. Kalm. Terwijl je weet: achter die ogen zit een training van uren, van jaren. Hoe je niet reageert op geschreeuw. Hoe je écht luistert.

    Dan een ander beeld. Een man op een brug. Niemand weet wie hij is, maar de politie wel. Ze zoeken hem. Niet als verdachte. Maar als iemand die hulp nodig heeft. En dan zie je: dit is geen job. Dit is mens-zijn, onder druk.

    *Blauw* laat zien wat er gebeurt als de sirene uitgaat en de camera’s blijven draaien. Niet alles is op te lossen met een knipoog of een grap. Soms is het gewoon: praten. Luisteren. Blijven zoeken.

    En ja, ik zit met mijn nespresso ertegenaan, afstandsbediening in de hand. Maar ik voel me toch een beetje schuldig. Want ik kijk. Zij doen.

    Liefs, Carla
    Carla’s Column | Nieuwtje? Vertel vertel! 😘

  • Geweld is geen incident, het is een kostenpost

    Sonja Boelhouwer schrikt. Alsof schrik nog iets uithaalt. Alsof een directeur van Albert Heijn nog mag schrikken van geweld in de winkel, alsof dit een verrassing is. Alsof het niet jaren geleden al duidelijk was dat wat op straat gebeurt, nu binnenkomt — niet met een kapmes, maar met een houding. En die houding heet: respectloosheid, gefinancierd door anoniemheid en laag opgevoerde testosteron.

    Maar laten we het niet verfijnen tot ‘sociale malaise’. Dit is simpel: Albert Heijn start een proef met bodycams. Niet om te intimideren. Niet om te monitoren. Maar om te *overleven*. Elke camera is een antwoord op een schop, een scheldpartij, een dreigement. Elke opname is een stukje juridische bescherming tegen een klant die denkt dat een medewerker geen mens is, maar een machine met kassa.

    En ja, het is absurd. Een supermarkt — dé bakermat van de Nederlandse alledaagse orde — moet zich nu wapenen met draagbare surveillance. Niet tegen dieven. Niet tegen fraude. Maar tegen mensen die denken dat een rijbanenstress een rechtvaardiging is voor agressie. Dat een verkeerd gesorteerd product een aanleiding is voor vernedering. Dat een medewerker geen salaris verdient, maar een uitbrander.

    Maar Boelhouwer schrikt. En ik? Ik lach. Want wie in 2024 nog schrikt van geweld bij de kassa, heeft geen flauw idee van de realiteit van het Nederlandse winkelpersoneel. De cijfers liggen er al jaren. De meldingen stijgen. De drempel daalt. En terwijl de overheid praat over ‘veiligheid op straat’, verliest men het zicht op de supermarkt als frontlinie.

    Bodycams zijn geen oplossing. Ze zijn een *bevestiging*. Een bevestiging dat de samenleving is doorgeslagen in het laagste segment van gedrag, en dat de enige manier om orde te handhaven, is met bewijsregistratie.

    De vraag is niet of de camera’s helpen. De vraag is hoe lang het duurt voordat de AH-personeel een uniform met camera draagt als vanzelfsprekendheid. Zoals politie. Zoals beveiliging. Zoals iedereen die in de open ruimte moet functioneren zonder bescherming.

    Het antwoord? Vier jaar. Maximaal vijf.

    Met zakelijke groet,
    Maurits Droogleever Fortuyn
    Hoofdredacteur alles.bit64.com/ | Media Business